Eindtermen van de masteropleidingen chemie
Kennis en inzicht
De master
MA1. heeft een uitgebreide kennis van en inzicht in de chemische materie in een aantal deeldomeinen;
MA2. heeft diepgaande kennis in ten minste één gevorderd of gespecialiseerd topic van de chemie;
MA3. kan zich zelfstandig nieuwe chemische inzichten en methoden eigen maken;
MA4. heeft een gevorderde theoretische en praktische kennis van gespecialiseerde chemische synthese- en karakteriseringstechnieken.
Onderzoek
De master
MA5. weet welke stappen/strategieën gevolgd moeten worden in het opzetten en uitvoeren van origineel chemisch onderzoek;
MA6. kan een onderzoeksonderwerp afbakenen, een onderzoeksvraag stellen en deze gedurende het onderzoek bijstellen;
MA7. kan de gepaste experimentele en theoretische methoden zelfstandig kiezen en toepassen;
"MA8. kan gespecialiseerde chemische en aanverwante internationale literatuur doelgericht opzoeken, deze verwerken om te komen tot een gedetailleerd begrip en op kritische wijze duiden.
Informatieverwerving – informatieverwerking – oordeelsvorming
De master
MA9. heeft inzicht in de kennisverwervings- en verwerkingsstrategieën die eigen zijn aan het exact wetenschappelijke domein;
MA10. kan informatie en gegevens verwerven, kwantitatief bewerken, interpreteren en evalueren;
MA11. kan zelfkritisch en zelfcorrigerend onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren in een multidisciplinaire context, kaderen in de internationale realisaties en hierover rapporteren;
MA12. kan de kennis, inzichten en probleemoplossende vermogens toepassen in een nieuwe en vreemde omgeving, in een bredere (of multidisciplinaire) context gerelateerd aan chemische wetenschappen;
MA13. kan complexe wetenschappelijke, maatschappelijke en ethische vraagstukken in verband met het vakgebied kritisch beoordelen en hiervoor wetenschappelijk gemotiveerde en ethisch verantwoorde antwoorden formuleren.
Communicatie en sociale vaardigheden
De master
MA14. kan eigen onderzoeksresultaten betreffende een chemisch wetenschappelijk onderwerp mondeling en schriftelijk op een vlotte, gestructureerde en wetenschappelijke manier verwoorden op niveau van het doelpubliek (zowel vakspecialisten als niet-specialisten);
MA15. kan een beargumenteerd wetenschappelijk standpunt innemen rond een chemische problematiek en dit mondeling verdedigen tegenover medestudenten, docenten en vakspecialisten;
MA16. kan in een internationale multiculturele omgeving en in multidisciplinair en heterogeen team functioneren, hierbij geholpen door zijn sociale en culturele openheid, taal- en communicatievaardigheden, mede verkregen door tijdens de opleiding te werken in een internationale omgeving binnen of buiten de universiteit;
MA17. beheerst communicatievaardigheden in het Nederlands en het Engels;
MA18. kan leiding nemen en een groep aansturen;
MA19. kan autonoom werken.
Motivatie en attitudes
De master
MA20. staat open voor een complementaire inbreng vanuit ander disciplines;
MA21. heeft de leercompetenties die hem toelaten autonoom en zelfsturend verder te studeren en de verantwoordelijkheidszin voor de persoonlijke professionele ontwikkeling;
MA22. vertoont professioneel gedrag, gekenmerkt door gedrevenheid, betrouwbaarheid, betrokkenheid, nauwkeurigheid, vasthoudendheid en zelfstandigheid;
MA23. kan zelfstandig functioneren en bijdragen tot onderzoek, het implementeren van nieuwe technieken en ideeën of het ontwerpen van probleemoplossende strategieën.
